Zittenblijven


Literatuuroverzicht met aantekeningen

Ben Wilbrink


Dit is ook weer zo'n onderwerp waar de opvattingen van direct betrokkenen—zowel leraren als leerlingen en hun ouders—haaks staan op wat empirisch wetenschappelijk onderzoek over de effecten van zittenblijven leert: het heeft nooit nut en is vaak schadelijk. Smullen dus van de botsing tussen intuïtieve opvattingen en harde data, nationale zowel als internationale, huidige zowel als historische.



Begrippen


zittenblijven - bevorderen

een jaartje overdoen

leerstofjaarklassensysteem

redoublement

Übergangsauslese

grade retention - promotion - nonpromotion

failure in grade

flunking grades

the graded school vs the nongraded school

tracking

ability grouping


Geschiedenis: de traditie als rechtvaardiging van zittenblijven?


Het geheim van het zittenblijven is dat het waanzinnig ondoelmatig is en dat direct betrokkenen dat niet kunnen zien, de zittenblijvers niet, maar ook de docenten die zo besluiten niet (ook al hebben zij er slapeloze nachten van).

Waarom is dat zo?

  1. Het is zo (het empirisch materiaal draag ik hierbeneden in overweldigende hoeveelheid aan).
  2. Direct betrokkenen zijn niet in staat met eigen ogen te zien dat het zittenblijven alleen negatieve gevolgen heeft (daar is echt degelijk onderzoek voor nodig, ook al kunnen docenten best zelf onderzoek daarnaar doen op dezelfde manier als psychiaters achteraf kunnen checken of hun aanvankelijke diagnoses uiteindelijk wel juist zijn gebleken [te vaak niet, dus]).
  3. Het zittenblijven is ons, samen met het leerstofjaarklassensysteem, overgeleverd uit een ver, echt ver, verleden (collectief zijn we de oorspronkelijke beweegredenen ervan dus glad vergeten).
  4. Het zittenblijven is als het leven zelf, het is ons met de paplepel ingegoten, de meesten van ons is het zelf ook overkomen (het moet dus wel OK zijn, anders zouden we toch allang iets anders hebben bedacht?)


OK, het zittenblijven hoort bij het type onderwijs, het klassikale, dat we samen met onze genen hebben geërfd van vele, vele generaties voorgangers. Het beoordelen van leerlingen is het instrument van dat zittenblijven en dat onderwijs. In de middeleeuwen was dat open en bloot beloning en straf. Preciezer: in de middeleeuwen ging het om straffen, in de late middeleeuwen door het humanisme vervangen door belonen van de beste prestaties (in vergelijking met die van anderen in de groep). Buitengewoon fascinerend, weinig beschreven. Ik heb dat laatste dus zelf gedaan, in een uitvoerig van noten voorziene Nederlandse versie die ongepubliceerd is gebleven html, en een kortere in het Engels gepubliceerde versie html.

De grote historische lijn is misschien ongeveer als volgt. In de welvarende Lage Landen neemt het onderwijs in de 13e en 14e eeuw een grote vlucht, er zijn scholen met enorme aantallen leerlingen en weinig leraren. Zo ook de school van Joan Cele in Zwolle, op het hoogtepunt rond 900 leerlingen uit dit deel van Europa. Joan heeft een groepenstelsel met bijbehorende curriculaire indeling ontwikkeld, dat model heeft gestaan voor het onderwijs aan de universiteit van Parijs, dat van de Jezuïeten, en vervolgens bijna alle onderwijs in Europa. Leerlingen werden bevorderd van groep naar groep, halfjaarlijks, zodra ze de betreffende stof goed in hun mars hadden. Die groepen waren gebaseerd op kennis en kunde, niet op leeftijd: leeftijden konden enorm uiteenlopen. Moderne staten varieerden daarop, op het spoor gezet door Comenius, die de practice en drill van Prins Maurits ook op het onderwijs wilde toepassen. De behoefte aan bureaucratische controle en goedkoop onderwijs liet zich wonderwel met die ideeën van Comenius verenigen: ziedaar het leerstofjaarklassensysteem met jaarlijkse bevorderingen en al, dus ook met zittenblijven. Wat een ongelooflijk scenario, uitgesmeerd over vele eeuwen, en naadloos tot in onze huidige scholen overgeleverd. Wat een mogelijkheden om te ontsporen, wat een macht van traditie. Natuurlijk, er zijn legio details en bijzonderheden, en rechtvaardigingen-achteraf van het systeem. Maar de geschiedenis kent ook een stroom van denkers die gewaarschuwd hebben tegen de uitwassen, of zelfs tegen het karakter van deze manier van onderwijs aanbieden. De humanisten waren de eersten om ten strijde te trekken tegen de praktijk van het straffen als pedagogisch hulpmiddel, maar het is toch voor iedereen zonder protetische hulpmiddelen helder te zien dat in het zittenblijven dat element van bestraffing nog steeds aanwezig is. Maar ook het humanistische stelsel van uitdelen van prijzen kende zijn donkere kanten, altijd ook als zodanig in het verleden herkend: waar enkelen telkens in de prijzen weten te vallen, zijn er velen die weten dat nooit te zullen bereiken. Het humanistische onderwijs was een kweekvijver van ongemotiveerdheid, juist door hun systeem om te motiveren. Ook die trekken zijn in het huidige onderwijs eenvoudig te herkennen. Het zijn precies de dingen waartegen mensen als Doornbos (Geboortemaand en studiesucces; Opstaan tegen het zittenblijven) een werkzaam leven lang strijden. Daarvan wil ik in deze verzamelpagina ook de voorbeelden geven. Bedenk in ieder geval dat het verleden verpletterend drukt op de huidige onderwijspraktijk, en dat alleen al om die reden er geen makkelijke oplossingen zullen zijn. In ieder geval niet binnen een enkele kabinetsperiode. Daar waarschuwt ook Doornbos voor, evenals, onafhankelijk van wat er in Nederland speelt, ook Amerikaanse onderzoekers zoals Lorrie Shepard. Voor een ingang tot de literatuur over deze onderwijsgeschiedenis, zie mijn genoemde publicaties.


Ben Wilbrink (1995). Leren waarderen: de geschiedenis. Amsterdam: SCO-Kohnstamm Instituut (concept). (SVO project 94707) html (versie met uitvoerig notenapparaat 480k html

Ben Wilbrink (1997). Assessment in historical perspective. Studies in Educational Evaluation, 23, 31-48. html


Model


Ik hoef niet uit te leggen wat zittenblijven is, en toch is het niet eenvoudig om deze praktijk in een inzichtelijk wiskundig model te vatten, gezien de enorme literatuur over het zittenblijven en het gebrek aan goede modellering van het verschijnsel. Toch kan het, met een paar handige veronderstellingen.

  1. Er is sprake van een leerstofjaarklassensysteem. Zittenblijven betekent dat de leerling het laatste jaar opnieuw doet, al dan niet met bijzondere begeleiding.

  2. Aan het eind van het schooljaar wordt voor ieder van de leerlingen besloten of de leerling doorgaat naar het volgende schooljaar, of het laatste jaar nog eens moet doen.

  3. Harde normen voor overgaan of zittenblijven zijn er niet, op zijn best zijn deze beslissingen intuïtief gebaseerd op collectieve ervaring van docenten, op zijn slechtst zijn het louter vergelijkende beslissingen in de zin van de Wetmatigheid van Posthumus (zie hierbeneden).

  4. Voor iedere leerling vormen de schoolresultaten de basis voor de beslissing.

  5. Linksom of rechtsom moet er in die schoolresultaten dan een grens worden getrokken waarboven de leerling door mag gaan, waarbeneden de leerling het jaar moet overdoen.


Welnu, dan is het gezochte model eenvoudig dat wat in de literatuur bekend staat als optimale grensscorebepaling. Een juiste uitwerking van dat model levert nog wel enige discussie op, want de literatuur is daar niet eenduidig over. Ik heb in mijn 1980a en 1980b de onenigheid uiteengezet en een correct model gepresenteerd. Uit dat model is het perfect duidelijk dat het jaar extra een aanzienlijke extra winst moet opleveren, wil het een 'betere' beslissing zijn dan (gewoon, of met enige extra ondersteuning) doorgaan naar het volgende jaar. In de genoemde artikelen wordt het model toegepast op het overdoen van tentamens, maar dat is geen wezenlijk andere situatie dan het overdoen van een schooljaar.

Achteraf gezien zouden de theoretici van de optimale grensscorebepaling er goed aan hebben gedaan eens hun licht op te steken bij het onderzoek van het zittenblijven. Dat zou ze op het vermoeden gebracht kunnen hebben dat mogelijk de meeste vormen van overdoen of herkansen in het onderwijs ondoelmatig zijn, en dus optimale grensscorebepaling een bijkans onmogelijke oefening (omdat de 'optimale' grensscore 'links' uit beeld verdwijnt: optimaal is iedereen over laten gaan).


Dat empirische onderzoek van het zittenblijven levert, als het degelijk gebeurt, de gegevens om zo'n grensscoremodel op toe te passen. En dergelijk onderzoek is er voldoende gedaan: daarvoor is geen grensscoremodel nodig, maar alleen een deugdelijk ontwerp voor empirisch effectonderzoek. Het gaat in beginsel altijd om de vergelijking van leerlingen die zijn blijven zitten, met in alle opzichten vergelijkbare leerlingen die niet zijn blijven zitten (bijv. in een experiment, op een school met een ander systeem, of door toevallige omstandigheden). Wie doen het dan na verloop van tijd beter, zitten beter in hun vel, etcetera? Ook als de uitkomsten geen verschil zouden aangeven, blijft er nog het verpletterende gegeven dat de ene groep wel een jaar extra 'kwijt' is. Dat is het springende punt. Hierbeneden tal van vermeldingen van dit type onderzoek, of meta-analyses over onderzoeken van dit type.


In de literatuur zoals hierbeneden besproken zal nog blijken dat het leerstofjaarklassensysteem zèlf de belangrijkste oorzaak van de zittenblijfellende is. Dat suggereert dat een model zoals dat voor optimale grensscorebepaling hopeloos tekortschiet, want het punt is juist dat een oplossing pas binnen bereik komt door buiten het huidige systeem van de jaarklassen te treden. Hoe dat ook zij, als een goed grensscore-model kan helpen om te demonstreren dat het binnen het jaarklassenstelsel lastig of vrijwel onmogelijk is om met zittenblijven 'winst' te behalen, dan doet dat het zittenblijven toch al de das om? Of zou het zo niet werken? Luisteren we in het onderwijsveld wel goed naar (empirische) argumenten? De onderzoekliteratuur suggereert ten sterkste dat het laatste niet het geval is.


Ben Wilbrink (1980). Optimale kriterium gerefereerde grensskores zijn eenvoudig te vinden. Tijdschrift voor Onderwijsresearch, 5, 49-62. html

Ben Wilbrink (1980). Enkele radicale oplossingen voor kriterium gerefereerde grensskores. Tijdschrift voor Onderwijsresearch, 5, 112-125. html


Wetmatigheid van Posthumus


K. Posthumus (1940). Middelbaar onderwijs en schifting. De Gids, 104 deel 2, 24-42.

K. Posthumus (1958). Rendement en beoordelingsgewoonten. Universiteit & amp;Hogeschool, 4, 156-161.


Nederland


W. H. Brouwer (1951). Is het probleem van het 'zitten blijven' onoplosbaar? Paedagogische Studiën [nog niet gezien]

W. H. Brouwer (1951). Selectie en schoolsucces. Mededelingen van het Nutsseminarium. No. 50.

H. W. F. Stellwag, (1955). Selectie en selectiemethoden. Een inleidende studie in het aansluitingsvraagstuk L.O. en V.H.M.O. Groningen: Wolters.

E. P. Fournier (1960). Een bijdrage tot de psychologische benadering van het zittenblijversprobleem op de lagere school. Groningen: Wolters.

A. W. Haenen (1969). Enkele opmerkingen omtrent de problematiek rondom het zittenblijven. Paedagogische Studiën, 46, 532-557.

J. G. Le Large, (1970). Het zittenblijversprobleem. Paedagogische Studiën, 47, 217-229.

K. Doornbos (1970). Opstaan tegen het zittenblijven. SVO. 's-Gravenhage: Staatsuitgeverij. 103 blz ingenaaid

Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen (1975). De ontwikkeling van het zittenblijven. De doorstroming en het rendement sinds de invoering van de W.V.O. (een eerste oriëntatie). Den Haag: Staatsuitgeverij.

Alfred Wald (Red.) (1985). Een jaartje overdoen. Verslag van het SVO-symposium over zittenblijven in het voortgezet onderwijs. Den Haag: SVO.

Doornbos, K. (1985). Naar een macro-educatieve analyse van het zittenblijven en verwante expulsiefenomenen in het Nederlandse schoolwezen. In Wald (1985, 35-68).

Jan Bos (1984). Blijven zitten met zittenblijven? Den Haag: SVO.

K. Doornbos (1997). Gastvrij herbergzaam basisonderwijs. In Van Dyck, M. (Red.) (1997). Toegankelijkheid van het Nederlandse onderwijs. Studies (p. 371-91). Den Haag: Onderwijsraad.


Na de Wet op het Basisonderwijs WBO


M. J. M. Voeten en Th. Boland (1990). Analyse van bijzondere gebeurtenissen in schoolloopbanen: kansen op zittenblijven. Tijdschrift voor Onderwijsresearch,, 15, 73-88.

Boete voor zittenblijven. NRC Handelsblad 10 oktober 1991.

Tweede fase voortgezet onderwijs: Vervolgnota 27 mei 1992. Signalementen (SDU, 2 juli 1992)

W. K. B. Hofstee (1994). Back to basics? Bespreking van: Zicht op kwaliteit. Evaluatie van het basisonderwijs. Eindrapport. Pedagogische Studiën, 71, 140-142.

G. J. Reezigt, H. Guldemond en A. A. Ros (1994). Zittenblijven in de eerste fase van het voortgezet onderwijs. Groningen: GION. SVO-projectnr 92040 rapportage.

G. J. Reezigt en A. W. M. Knuver (1995). Zittenblijven in het basisonderwijs. Pedagogische Studiën, 72, 114-132.

Vernieuwing (1996), 55 #1. Themanummer zittenblijven. Gerry Reezigt: Een hardnekkig fenomeen in het onderwijs.

Vernieuwing (1996), 55 #1. Themanummer zittenblijven. Els Schram: Zittenblijven bij Montessori en Jenaplan.

Vernieuwing (1996), 55 #1. Themanummer zittenblijven. Jan Mars: 'Het onderwijs is nog dezelfde schudzeef als in de jaren 50.'

G. J. Reezigt en A. W. M. Knuver (1995). Zittenblijven in het basisonderwijs. Pedagogische Studiën, 72, 114-132.

M. P. C. van der Werf, G. J. Reezigt en H. Guldemond (1996). Zittenblijven in het basisonderwijs: omvang, effecten en relaties met leerling- en schoolkenmerken. Groningen: GION, Rijksuniversiteit Groningen. Onderzoek in opdracht van het Ministerie van OCenW.

Kees van der Wolf en Ewoud Roede (Red.) (1997). Opstaan voor onderwijsverbetering. Groningen: Wolters Noordhoff.

Ben Wilbrink (1997). Terugblik op toegankelijkheid: Meritocratie in perspectief. in Van Dyck, M. (Red.) (1997). Toegankelijkheid van het Nederlandse onderwijs. Studies (p. 341-384). Den Haag: Onderwijsraad. html


Internationaal


F. Paulsen (1885/1921). Geschichte des gelehrten Unterrichts auf den deutschen Schulen und Universitäten vom Ausgang des Mittelalters bis zur Gegenwart. Berlin/Leipzig.

A. Yates (Ed.) (1966). Grouping in education. A report sponsored by the Unesco Institute for Education, Hamburg. New York: Wiley. Stockholm: Akmqvust & Wiksell,

Karlheinz Ingenkamp (1968). Untersuchungen zur Übergangsauslese. Weinheim: Beltz.

V. D'Espallier (1968). Psycho-pedagogische studiën over de zittenblijver in het middelbaar onderwijs. Antwerpen: Standaard Wetenschappelijke Uitgeverij.

C. Thomas Holmes and Kenneth M. Matthews (1984). The effects of nonpromotion on elementary and junior high school pupils: a meta-analysis. Review of Educational Research, 54, 225-236.

H. van Dijk en C. A. Mandemakers (1985). Secondary education and social mobility at the turn of the century. History of Education, 14, 199-226.

L. A. Shepard and M. L. Smith (Eds.) (1989). Flunking grades: research and policies on retention. London: The Falmer Press.

K. Tj. Bos, A. M. Ruijters en A. J. Visscher (1990). Truancy, drop-out, class repeating and their relation with school characteristics. Educational Research, 32, 175-185. J. H. L. Oud en M. M. B. Oud-de Glas, (1991). Helpt zittenblijven op de basisschool? Onderzoek levert geen argumenten op voor afschaffen van zittenblijven. Didaktief, september, 23-25.

Roberto Gutiérrez and Robert E. Slavin (1992). Achievement effects of the nongraded elementary school: a best evidence synthesis. Review of Educational Research, 62, 333-376.

Samuel J. Meisels and Fong-Ruey Liaw (1993). Failure in grade: do retained students catch up? Journal of Educational Research, 87, 69-77.

Panayota Mantzicopoulos and Delmont Morrison (1992). Kindergarten Retention: Academic and Behavioral Outcomes Through the End of Second Grade. American Educational Research Journal, 29, 182-198. abstract at Jstor.

Anne McGill-Franzen and Richard L. Allington (1993). Flunk'em or get them classified: the contamination of primary grade accountability data. Educational Researcher, 2, #1, 19-22. Jstor

Simon Veenman (1995). Cognitive and non-cognitive effects of multigrade and multi-age classes; a best-evidence synthesis. Review of Educational Research, 65, 319-381.

Melissa Roderick (1994). Grade retention and school dropout: investigating the association. American Educational Research journal, 31, 729-760.

Mary Lee Smith (2004). Retaining students in grade: Consequences for Florida. Policy brief. pdf




Links




7 maart 2008 \ contact ben apenstaartje benwilbrink.nl

Valid HTML 4.01!       http://www.benwilbrink.nl/literature/zittenblijven.htm